jongeren (16 tot 25 jaar)

Optie klassiek

 

In de optie klassiek ligt de nadruk op het leren van een 'klassiek' muziekinstrument.

Graad / leerjaar

1 uur / week

 1 uur / week

1 uur / week

3.1

Muziekatelier

 Groepsmusiceren of begeleidingspraktijk

Instrument of Zang

3.2

Muziekatelier

 Groepsmusiceren of begeleidingspraktijk

Instrument of Zang

3.3

Muziekatelier

 Groepsmusiceren of begeleidingspraktijk

Instrument of Zang



Vakinhouden

Muziekatelier
Wekelijks volg je 1 u muziekatelier. Je ontdekt de algemene brede muzikale ontwikkeling en het geschiedkundig kader errond (instrumenten, stijlperiodes, componisten).

Groepsmusiceren
Tijdens het uurtje groepsmusiceren pas je de instrumentale verworvenheden toe. Daarnaast ontwikkel je een aantal vaardigheden: luister-, reactie- en aanpassingsvermogen, interactie tussen de individuele partijen en de groep, het aanvoelen en inzien van bijvoorbeeld tempo, karakter, evenwicht, dynamiek, toonzuiverheid... in een stuk.

Voor groepsmusiceren kan je kiezen uit:

1. Orkestspel
Er zijn grote groepen waarin verschillende instrumenten samen spelen, of groepen waarin enkel gitaristen, (blok)fluitisten, slagwerkers, accordeonisten of blazers samen spelen.
Je kan vragen om in een kleiner groepje (met 2, 3 of 4) samen te spelen maar hou er rekening mee  dat deze vorm van samenspel een grotere inzet thuis vraagt dan meespelen in een groep.  Iedereen heeft immers een solistische partij en die moet je kennen. Ook je aanwezigheid in de les is in een kleine groep heel belangrijk.
Opmerking: Leerlingen uit 3.1 en 3.2 hebben vaak nog niet voldoende speelvaardigheid om deze vorm van samenspel aan te kunnen. Slechts in uitzonderlijke gevallen wordt aan de vraag voldaan.

2. Vierhandig samenspel
Als pianist kan je naast begeleidingspraktijk ook kiezen voor vierhandig samenspel. Je leert hoe je met twee tegelijk aan de piano kan spelen.

3. Koor
Ongeacht of je een instrument bespeelt of zangles volgt, iedereen kan kiezen voor het vak koor.

4. Begeleidingspraktijk
Begeleidingspraktijk kan je enkel kiezen als je een polyfoon of meerstemmig instrument speelt (piano, harp, gitaar, accordeon, orgel). In dit vak leer je akkoorden te gebruiken bij het begeleiden en het improviseren.
 

Ga 1 pagina terug